St. Moritz

Het zit erop; intussen is het een week geleden dat we daar waren. Met het bewerken van de foto’s en het afwerken van de tweetverslagjes kon ik nog even boven de boomgrens blijven zweven maar intussen is de werkmens LJ wakkergeschud, hebben er al verschillende wasvaten met stinkende shorten en van het zweet stijfstaande wandelkousen gedraaid,  en is het laatste restje frisse Alpenlucht uit mijn longen verdwenen.

Het was exact vijf jaar geleden dat ik nog in de Alpen was geweest. Vijf. Jaar. Hoe heb ik dat uitgehouden? Ik zwijmel, ik droom, ik voelde me gelukkig daar, ik wil terug!

Een paar feiten op een rij.

  • De bovendeboomgrensgeur. Diep, vol, zoet, warm. Niet te beschrijven. Ik zou het in een flesje hebben willen stoppen en er elke avond aan willen ruiken voor het slapengaan voor sweet dreams. Helaas vervaagt de herinnering nu al en zal het niet lang meer duren voor ik de geur helemaal niet meer kan oproepen.
  • De gletsjers. Owmaai de gletsjers. Het is nu twaalf jaar geleden dat ik mijn eerste gletsjer zag, in Noorwegen, en sindsdien zijn ze me blijven fascineren. Ik had geen idee dat er in de buurt van St. Moritz zoveel zouden zijn. They took me by surprise, meteen op de tweede dag. En de wandeling van dag vier was voor mij het hoogtepunt van de vakantie: zo dicht bij een gletsjer zijn dat een slechte timing er al voor kan zorgen dat je sterft door een vallende brok ijs-met-stukken-steen, zo dichtbij dat je hem kan aanraken, zo dichtbij dat je hem koude lucht voelt uitademen, zo dichtbij dat het smeltwater steeds sterker kolkend om je heen stroomt, zo dichtbij dat je zijn blauwe binnenste kan zien. Gletsjerblauw is het allermooiste blauw ter wereld. Ter wereld! Wat ik op dat moment voelde, tijdens dat halve uur dat ik met open mond om mij heen zat te kijken aan de voet van de gletsjertong, was geluk en respect, diep respect voor de natuur die zo’n wonder voor elkaar krijgt.
  • De melkwitte gletsjerrivieren. Geloof mij het water dat van een gletsjer komt haal je er zo uit: het heeft een soort grijsgroene kleur (die ik als kind ‘melkwit’ ging noemen) die een gewone bergrivier niet heeft.
  • De appelblauwzeegroene meren. Als ze nagellak in die exacte bergkleur konden maken, inclusief alle schakeringen en glinsteringen en tegelijk toch helder doorzichtig, ik zou die permanent op mijn vingers laten laseren. Ofzo.
  • De wolken. Ga niet liggen janken in uw bed als het buiten één al mist is. Mist in de bergen is namelijk iets speciaals: dat is geen vocht dat uit de grond komt zoals hier op het Vlaamsche platteland, maar letterlijk laaghangende wolken die de bergen met hun zachte wollen jasje omhullen. Het kan heel goed zijn dat het dal helemaal dichtzit en als het ware de wolken gevangen houdt, maar dat de bergtoppen vrij zijn. Neem dus gauw een lift naar boven en geniet van de wolkenzee aan je voeten… Het mooiste wat er is.
  • Ik sta zot van alles wat boven de boomgrens leeft en gebeurt. Er wonen daar prachtige dieren: schattige marmotjes die alarmerend fluiten naar hun soortgenootjes als er gevaar (meestal mensen) in de buurt is, roofvogels die door de lucht zweven man wat een zalig gevoel moet dat zijn, gemzen die van steile hellingen afhuppelen alsof het niets is (in een volgend leven!) en last but not least, de stoere, ongenaakbare en heel erg mensenschuwe steenbok, die ik nog maar één keer in het wild heb gezien en al mijn respect krijgt door zijn majestueuziteit. (Als dat geen bestaand woord is, dan verklaar ik het hier en nu wél bestaand.)
  • Om nog maar te zwijgen van het bovendeboomgrenslandschap. Hoe hoger je komt, hoe lager en stugger de begroeiing. Hier geldt de wet van de sterkste. En, in het geval van de bloemen, ook van de felste: hun kleuren zijn veel dieper en opvallender dan die op laat ons zeggen mijn balkon. Ze produceren zo min mogelijk blad omdat die het broodnodige vocht enkel sneller doen verdampen. Edelweiss is veruit de sterkste bloem want groeit op grote hoogte, daar waar de ondergrond het hardst, het droogst en het ruwst is. Het is ook zeldzaam, mede dankzij de toeristen die de bloemetjes plukken. Gotta love Edelweiss. Gotta hate tourists.
  • Gastronomie is op vakantie ook erg belangrijk, heb ik mij laten wijsmaken. U mag niet uit Zwitserland vertrekken zonder dat u in de kaas bent gevlogen: raclette of kaasfondue, in verschillende soorten en maten. Correctie: er is maar 1 maat en dat is die van de overvloed. Over de Zwitserse chocolade wil ik niet eens beginnen. Denk dus niet dat u gaat kunnen diëten tijdens uw Alpenvakantie.

Bovenstaande heeft u ongetwijfeld overtuigd om naar de Alpen te trekken. Vooraleer u in uw auto springt, hier nog een aantal regels. De bergregels.

Houd de regels in acht want bij overtreding zal het uwen besten dag niet zijn.

  • Verwacht niet je niet gaat afzien in de bergen. Zelfs met training vooraf moet je lichaam wennen aan de hoogte en de luchtdruk. Plan de eerste dagen dus geen tochten met het overbruggen van honderden hoogtemeters, maar bouw langzaam op. Ik zou niet willen dat u op dag één al van de berg tottert. Bovendien bouw je zo ook de schoonheid op want hoe hoger je komt, hoe verder (en mooier) de vergezichten.
  • Loop niet naast het aangelegde pad want zo slijt je het verder uit. Hallo erosie!
  • Loop niet zomaar door de vegetatie naast het pad. Die plantjes moeten verdorie al hard genoeg werken om te overleven.
  • Laat geen afval achter in de bergen. For I will haunt you. Ook fruitafval zoals bananenschillen en de pel van een appelsien verteert de natuur héél langzaam! Je neemt al je afval best weer mee naar het dal, want ook een berghut moet veel moeite en energie steken in het vervoer van afval naar het dal.
  • Het verkeer dat naar boven gaat, heeft voorrang op verkeer dat naar beneden gaat. (Bussen hebben in principe altijd voorrang.) Dit geldt ook voor wandelaars. Of anders gebruik ik wel mijn ellebogen. Gnagna.
  • Groet passanten met de ter plaatse gebruikelijke groet. In Oostenrijk is dat: ‘Grüss Gott’. In Zwitserland over het algemeen: ‘Grüsse’ of voor meer dan één persoon ‘Grüsse mit den Ander’. In Reto-Romaans Zwitserland (bv. St. Moritz) is het ‘Gruutsi‘ uitgesproken, een beetje zangerig, op z’n Limburgs zeg maar. Hoe hoger je komt, hoe vriendelijker de passanten trouwens, en hoe lager, hoe meer zondagstoeristen die geen oog hebben voor hun omgeving laat staan voor andere mensen.
  • Neem altijd een regenjas mee, zelfs als er geen regen wordt voorspeld want hun weerbericht is even onbetrouwbaar als dat van België. Slecht weer ziet ge pas als het al de bergkam overkomt en dan is het meestal te laat. Bovendien kan een regenwolk die lijkt over te vliegen tegen een berg opbotsten en dan alsnog alles lossen. Zo gaat dat.
  • Neem voldoende water mee, en snelle suikers, en een stevige picknick. Anders overleeft ge nog geen 100 hoogtemeters.
  • En een EHBO-kitje met op zijn minst plakkers. Veel plakkers. Voor de bleinen. Pijnnn.
  • En draag bergschoenen. Alles wat niet uw enkels beschermt is uit den boze – ja ik kijk naar u, Birkies, sandalen, sportschoenen en teenslippers. Alstublieft zeg, ga toch op strandvakantie hé.

Voilà. Ready to go!

13 thoughts on “St. Moritz

  1. Wat mooi gzeschreven Lj, je liefde voor de bergen druipt zo van het scherm! Ik heb in mijnen hof edelweiss staan , ter ere van mijn vader die overleden is vorig jaar en ook z’n bergenmens was. Je kan die kopen in ieder groot tuinbedrijf in de lente , ze zijn nu bijna uitgebloeid, jammer.

  2. Het is geen specifieke bergwandeltip, maar ik geef hem hier toch maar even. Draag als je zou kunnen gaan zweten bij voorkeur geen onderbroek die kan “schuren” of zorg voor “verzachtende” middelen als het toch gebeurt (talkpoeder, nivea-crème of iets in die aard).

  3. Ik vind dit een schitterend stukje en inderdaad je liefde voor de bergen druipt van het scherm.
    Mij heb je niet kunnen overtuigen, maar je hebt me wel doen begrijpen wat andere mensen daar gaan doen voor hun vakantie en dat is al een hele grote prestatie. (Mijn collega is u trouwens dankbaar…. Ze heeft nu 1 collega minder die met haar ogen rolt als ze weer eens naar de bergen trekt voor haar groot verlof. Nog 14 to go en ze is een gelukkig mens!)

    En ja gastronomie is belangrijk! Voor mij althans, wat niet wil zeggen dat het voor anderen ook zo is he. 🙂 Voor mij is bevoorbeeld groene natuur onbelangrijk. (Niet alle natuur voor de duidelijkheid he. Geef me een rode geerodeerde rots en ik wordt bijna gek van enthousiasme.)

    1. Ik ben blij dat mijn tekstje nuttig is gebleken 🙂
      Ik ben ook blij dat niet iedereen zot staat van de Alpen, ’t zou daar anders veels te druk worden!!! 😉

  4. Ik heb me altijd keurig aan je regels gehouden zie ik nu 😀 Sluit me helemaal bij je verhaal aan, herken je gevoel helemaal was even met je mee terug in de Alpen

Reacties zijn gesloten.