15

Suikerbrood

Eén van mijn kleine geneugtes, stiekeme sneukelarijtjes, guilty pleasures, is suikerbrood.

Als we als kind bij oma en peter bleven slapen in hun grote huis met de geheimzinnige zolder vol boeken, dan lag ik bovenin het stapelbed dat peter zelf in elkaar had gelast en Zus onderin. Het licht konden we aan- en uitdoen met een koord aan de muur en als we ‘s nachts moesten plassen (of een andere ‘boodschap’ doen), dan diende dat in een emmer-met-deksel te gebeuren die oma de volgende ochtend leegmaakte.
Voor het slapengaan verzonnen we een hele wereld bij elkaar. Wat ik me nu nog herinner is de Spookradio, want er is een tijd geweest dat ik ervan droomde om radiopresentatrice te worden en zelfs cd’s overnam op cassetjes met dan via een heuse microfoon opgenomen tekst er tussendoor. Onze voor-het-slapen-gaan-versie was, zoals de naam al doet vermoeden, een stuk griezeliger. Mwhuahaha.
Afsluiten deden we steevast met de Reis naar Dromenland, want in Dromenland raak je niet zomaar: je bent immers niet de enige die gaat slapen dus staat er altijd een file voor de poorten, waar je de interessantste figuren, de gekste mensen en de coolste wezens ontmoet.

Grenzeloze fantasie? Ikke? Magij!

‘s Morgens begon de dag meestal met evenveel gegibber waardoor oma en peter ook al vroeg werden gewekt, hoewel, peter was meestal al wakker, tegelijk met de kippen begrijp je.
Er was altijd oma’s zelfgebakken brood, maar als wij er waren zorgde ze ook voor wit brood (wat we thuis zelden mochten eten). En in het weekend sandwiches, een koffiekoek en… suikerbrood (wat we thuis ook zelden kregen).

Bij oma logeren was altijd een klein beetje feest.

Als receptioniste in het Braggelhotel moest ik regelmatig weekends werken. Het hoogtepunt van zo’n weekend was het suikerbrood dat dan op de ontbijtbuffetten werd geserveerd. Met wat geluk was er ‘s middags nog over. En anders nam ik wel wit brood en bestrooide dat met suiker. (Ik had die suikerrush nodig om het einde van de meestal ofwel extreem zware ofwel extreem saaie weekendshiften te kunnen halen.) Het moest altijd stiekem en snel gebeuren, want meer dan een kwartier pauze hadden we niet en het suikerbrood was wel bij meer collega’s geliefd, dus snel en onbeschaamd zijn was de boodschap.

Nu nog beschouw ik het als een kleine zonde om af en toe van de bakker een suikerbrood mee te brengen in het weekend. Om dat dan vervolgens in één keer op te peuzelen, samen met het lief.

Want van suikerbrood, daar kan je van blíjven eten.

0

Avondwandeling

Een muggenzwerm aan de brug.
Kasseitjes, hobbelig en scherp.
Scheefvallend zonlicht.
Dikke druivenranken.
Kindje op autootje dat muziek maakt.
‘t Braggelhotel met de Lexus voor de deur.
Een bus Engelse toeristen.
Het uitgesloten koppel eendjes.
Unieffietsen tegen de oude gevels.
Het zangkoor in de kerk.
Blauwe regen aan de rivier.

Dat was onze avondwandeling door het Begijnhof.

0

De moed

De moed zit er niet meer in. Integendeel, de moed is er helemaal uit, is ver te zoeken.

Tenzij de moed der wanhoop.

Ik zit nog in de ontkenningsfase, eigenlijk. Na de vergadering van vorige week, die feitelijk nog meeviel aangezien we allemaal een uur van gesnauwde onredelijkheden verwachtten na de anderhalf uur durende bolwassing die Lila had gekregen van het triumviraat, ben ik compleet verdoofd. Ik durf nog over de toekomst spreken alsof we eind 2010 nog allemaal, stuk voor stuk, als een happy receptieteam zullen samenwerken in datzelfde k*thotel onder diezelfde kl*tebaas.

Terwijl Iuno volop op zoek is naar werk en vrijdag misschien al wel de laatste keer was dat ik haar heb gezien. Terwijl Cruise wacht op een telefoontje van een nieuwe werkgever en hopla, dan is zij ook uit mijn leven verdwenen. Lila is net als ik iets terughoudender, hij heeft immers een lening af te betalen.

Mijn tweede verwittiging ga ik niet ophalen. En het triumviraat mag een gepeperd antwoord terugverwachten. Als ze moeilijk gaan doen, neem ik ontslag vóór het er met hen op voorhand over te hebben. Donderslagen en heldere hemels, enzo, dat effect dus.

We are at war, dearly beloved. Leave all men behind, and save your own back.

0

Fast forward, please?

Bang ben ik. En doodmoe van de voorbije korte nacht. Zoals de gedachten rondspookten in mijn hoofd en pas zwegen toen ik mezelf dierf verliezen in De vrouw die met vuur speelde, godzijdank voor boeken op deze planeet.

Er zijn van die momenten dat je wou dat je de tijd kon verderdraaien…

Het begon met 3 verwittigingen bij collega Iuno, die zo snugger geweest is de door Zeus voorgestelde foefelontslagovereenkomst niet te ondertekenen, gevolgd door verwittiging 1 op naam van LJ op 31 december. Op 2 januari kreeg collega Lila verwittiging 1 in de bus. Op 5 januari werd Lila op het matje geroepen bij onweersfront Zeus-Ree-Ms Holiday.

Geroep & geschreeuw. Er wordt gedreigd met een tweede verwittiging – die zou al onderweg zijn. Collectief ontslag – we zijn toch allen “producten van Iuno en Trotster”, dus daar kan verder niks goeds meer uit voortkomen, right?
Morgen is het mijn beurt voor een gesprek met het achterbakse triumviraat.

Ik ben bang. Niet om ontslagen te worden, nee ik wil niets liever, maar voor de terreur die eraan vooraf zal gaan.

Fast forward, please…